Voorwoord jaarstukken 2020 International Justice Mission Nederland

Het is heel bijzonder om te ervaren dat zovelen ook in corona-tijd aan IJM gedacht hebben.

Veel partners, vrienden, relaties en onbekenden hebben hun steun aan onze missie voortgezet.

En vaak zelfs uitgebreid. We kunnen voort met het werk, daardoor.

Het was een heel bijzonder jaar. Ongekend, zo’n pandemie. Hoe onze mensen in het veld en onze mensen op kantoor zich staande hebben gehouden: petje af!

In een tijd van ‘lock-down’ zagen we hevige protesten tegen maatregelen die bedoeld zijn om een dodelijk virus in te dammen.

Er werden de vreselijkste vergelijkingen gemaakt met zwarte bladzijdes in onze geschiedenis.

Als dat al als onderdrukkend werd ervaren, dan weten wij van IJM nog wel wat verhalen te vertellen…

Ik hoop dat de komende tijd evenveel geluid klinkt tegen het onrecht dat de armen van deze wereld neer drukt. Aan ons om duidelijk te maken dat er een oplossing is.

Zoals altijd met een ramp of crisis: de meest kwetsbare mensen lopen de grootste risico’s.

Beelden uit Italië waren afschuwelijk, maar wat zich in India afspeelde, en terwijl ik dit schrijf nog steeds aan de gang is, dat is ongehoord.

Het is menselijk om bij crisissituaties eerst naar onszelf te kijken.

De vaccins worden pas gedeeld met arme landen nadat we ruim voor onszelf hebben gezorgd.

Telkens ben ik dan ook blij dat wij bij IJM niet alleen een menselijke kijk op dingen hebben.

Onze idealen komen niet uit onszelf. We zijn niet voor onszelf bezig.

Wat je als mens, als organisatie écht waard bent wordt duidelijk als mensen die je niet kent een beroep op je doen.

Je familie helpen, belangrijk. Je buren, heel goed.

Maar iemand die je niet kent?

Iemand die in een land woont waar je zelf nog nooit geweest bent?

Wat je voor de minste doet, dat doe je voor Mij.

Je kunt een streepje zetten onder ‘minste’.

Maar je kunt het ook onder ‘Mij’ zetten. 

Dat doe je voor Mij.

Martijn Vroom

Raad van Toezicht International Justice Mission Nederland

www.ijmnl.org

Standaard

Column 237: Echt of nep?

Deze week is de nieuwe ‘MKB-Echt-Nep’ campagne begonnen. De gemeenten in de Politie Eenheid Rotterdam werken hierbij samen in de VeiligheidsAlliantie regio Rotterdam. Dat zijn alle gemeenten van Goeree tot Gorinchem en van Dordt tot Maassluis.

De campagne ‘MKB-Echt-Nep’ wil ondernemers helpen tegen diefstal. En wel digitale diefstal. Bij twee derde van de MKB-ondernemers wordt digitaal geprobeerd om te stelen. En 1 op de 3 pogingen slaagt ook echt. Maar liefst 20 procent van de ondernemers in onze regio is slachtoffer van cybercrime.

Uit onderzoek blijkt dat veel mensen denken ‘dat gebeurt niet bij mij’. Alsof er bij hen niks te halen valt. Maar in de hotellerie gaat het bijvoorbeeld om persoonlijke gegevens van gasten. Die zijn geld waard. En als die gestolen worden, dan ben je zuur. Want je goede naam gaat er aan, maar ook moet je veel kosten maken om alles te herstellen.

Daarom helpen we graag. Op de website staat een quizje, maar ook veel tips. Bijvoorbeeld dat je een veel langer wachtwoord moet maken dan je dacht. In Nederland hebben miljoenen (!) mensen nog 123start als wachtwoord. Het is handig om daar een zinnetje van te maken. Bijvoorbeeld “Kr1mpenIsMijnDorp” en het is al 1000 keer (echt!) minder snel te kraken. 

www.mkb.echt-nep.nl

Kijk er maar eens op…

Martijn Vroom

Cyber-Burgemeester Rotterdam-Rijnmond

Standaard

Column 236: Nieuwe directeur streekmuseum

Het streekmuseum van de Krimpenerwaard staat in Krimpen aan den IJssel. Het is voor mij onduidelijk hoe die naam zo gekomen is. Hebben ‘wij’ in Krimpen bedacht: kom, we doen er eentje voor de hele polder? Of dachten ze destijds dat de buurgemeenten dan ook (meer) mee zouden betalen?

In ieder geval vind ik het een mooie plek in ons dorp. Het bewaart een belangrijk deel van onze geschiedenis. En het is er ook gewoon gezellig. Ook voor feesten en partijen. Dus zodra dat weer mag: doen! Het museum is vanaf deze week ook weer open voor bezoek. De moeite waard! Daarnaast is de tuin heerlijk, zeker met dit weer.

Met mensen die een verblijfsvergunning willen gaan we er altijd langs. Dan herkennen ze vaak veel boerderijspullen. En dat levert mooie gesprekken op. Dan leggen we hen uit dat zij nu onderdeel worden van de nieuwe geschiedenis van Krimpen. En dat ze daar hard voor moeten werken.

Het museum heeft een nieuwe directeur. Met de gemeenteraad hadden we met haar een digitale borrel. Het was echt heel leuk. Een mooie introductie van Hilde.

Dus als u denkt: wie is Hilde? Ga een keer langs. Het streekmuseum is om de hoek!

Martijn Vroom

Burgemeester

Standaard

Column 235: Kunsten

Mensen die dingen maken, daar ben ik altijd van onder de indruk. Of het nou een schip is, of een mooie houten schuur. Of muziek: een koor dat samen zingt. Een viool of een jochie op een accordeon. Dit zijn zaken waar ik van kan genieten.

Zelfs als het niet mijn smaak is. Schilderijen bijvoorbeeld, de meeste vind ik lelijk. Net als muziek op de radio. Maar om iemand het te zien uitvoeren. Dat vind ik geweldig.

Het maken, het componeren van die muziek, is al helemaal fascinerend. Dat je iets in je hoofd hebt en met stippen op strepen plaatst… En dat eeuwen later iemand dit leest en er schitterende orgelmuziek van Bach klinkt. 

Ook bijzonder is dat je een melodietje opneemt op CD en dat aan de andere kant van de wereld ook een ruige tiener Enter Sandman kan spelen op een gitaar. 

Met boeken heb ik hetzelfde. Een verhaal op papier zetten, waar een wereld in zit die ik kan binnengaan. Liefst een dik boek, zodat de tocht in m’n hoofd ver en lang is.

Toch lees ik de laatste tijd graag van A.L. Snijders. Die schrijft ‘Zeer Korte Verhaaltjes’. Die zijn maximaal een pagina. Indrukwekkend in eenvoud en bijzonderheid.

Knap als je iets kan maken dat blijft!

Martijn Vroom

Burgemeester

Standaard

Voorwoord veteranen-map

Sinds een aantal jaar bezoek ik – buiten coronatijd natuurlijk – elke week een veteraan. De verhalen die ik mag aanhoren zijn altijd bijzonder. Een korte versie daarvan wordt opgetekend in ons gemeentelijk kwartaalblad, magazine De Klinker. Dat gebeurt op basis van een interview dat de onvolprezen Huib Neven met de veteraan in kwestie houdt.

In een speciale map gaan we die verhalen bundelen. Een papieren uitvoering, bewaarexemplaar. Want het bewaren van bijzondere verhalen is nodig. En de verhalen van veteranen horen daar bij.

Dit schreef ik als voorwoord:

Voorwoord

De geschiedenis bestaat uit de opstelsom van verhalen. Het is heel bijzonder om een persoonlijk verhaal van iemand aan te mogen horen. Want als lezer, of als luisteraar, word je daarmee onderdeel van die geschiedenis. Namens ons land sturen we vaak mensen naar andere landen. Dichtbij of ver weg. Om hulp te bieden, om oorlog te voeren. Om te beschermen. Of om gerechtigheid te brengen.

Veteranen hebben een stukje van hun leven gegeven in dienst van vrede en veiligheid. Het is heel moeilijk om als buitenstaander te begrijpen wat dat betekent. Familie van de veteraan heeft er beter zicht op. Ook zij zijn een beetje veteraan, want vader, zoon of vrouw is een tijd naar een gevaarlijk gebied geweest. De term ‘thuisfront’ is ook heel mooi gekozen.

In veel gevallen hebben we als samenleving te weinig respect, kennis en waardering gehad voor de inzet van onze veteranen. Deels komt dat doordat we de verhalen zijn vergeten te vertellen. In Krimpen aan den IJssel zijn we daar mee bezig. Deze map is een bijzonder exemplaar, speciaal voor u.

We bundelen de opgetekende verhalen van Krimpense veteranen. Maar omdat we nog lang niet klaar zijn, komt er over een tijdje een aanvulling. De map is nog niet vol. De verhalen zijn nog niet af. De tijd staat niet stil. De wereld is niet rustig. Er is nog geen vrede overal.

Veteranen blijven nodig. Hun verhalen ook.

Martijn Vroom

Burgemeester

Standaard

Column 234: de Wmo

De Wet maatschappelijke ondersteuning heeft een heldere opdracht. Namelijk: de gemeente heeft de plicht om inwoners te helpen als ze zichzelf niet goed genoeg kunnen redden. Er staat dan: “de gemeente heeft de plicht tot compensatie als mensen onvoldoende zelfredzaam zijn”. Dus betaalt de gemeente bijvoorbeeld de hulp bij het huishouden of een traplift.

Maar wat is compensatie? En wat is “niet genoeg jezelf kunnen redden”? De Rijksoverheid heeft er een beetje een potje van gemaakt. Zelfs Kamerleden zeggen: “mensen hebben er recht op”. Onjuist.

Dat zou betekenen dat de gemeente altijd aan iedereen hetzelfde moet betalen of compenseren.

Maar de wet geeft gemeenten ruimte om eigen beleid vast te stellen. En even belangrijk: in de wet staat dat alle beoordelingen van wat nodig is, op maat moeten zijn. Daarom voeren we grondige beoordelingsgesprekken. Niet iedere persoon heeft hetzelfde nodig. En wie hulp nodig heeft, moet het krijgen.

Maar dan is het heel raar als ‘Den Haag’ de spelregels verandert. Waardoor iedereen toch opeens voor een dubbeltje op de eerste rang mag zitten. Doel van de wet is toch: “…als je dat nodig hebt”?

Consequentie hiervan: grote tekorten op de gemeentebegroting in Krimpen. 

Jammer.

Martijn Vroom

Burgemeester 

 

Standaard

Column 233: Samenwerken in de regio

Sinds de fusie met de gemeente Stormpolder zijn we een zelfstandige gemeente. Het is lange tijd spannend geweest of de hele Krimpenerwaard een grote gemeente zou worden.

Krimpen aan den IJssel mocht na lang discussiëren zelfstandig blijven. Daarbij speelt een belangrijke rol dat meer dan 70 procent van onze bevolking in de Rijnmond werkt.

Ook komt een groot deel van onze inwoners, van u, uit bijvoorbeeld Capelle of Rotterdam. Dat is al 70 jaar aan de gang. De meeste mensen die 60 jaar getrouwd zijn in Krimpen, komen oorspronkelijk niet uit Krimpen.

Dat we niet gedwongen zijn om te fuseren komt voor een belangrijk deel doordat we zo goed samenwerken. Veel moeilijke of ingewikkelde zaken doen we met de buren samen. De sociale dienst, de ICT, de politie, de brandweer, de sociale werkvoorziening, de Metropoolregio (het openbaar vervoer), noem maar op. Dat doen we voornamelijk met de gemeenten in de Rijnmond. Ook met de gemeente Krimpenerwaard werken we graag samen, zoals met het Streekarchief, Promen en de GroenAlliantie. 

Dat soort organisaties noemen we ‘verbonden partijen’. Komende donderdag bespreken we daar de begrotingen van. Er gaat veel geld in om. Gezien het belang voor Krimpen is dat logisch.

Martijn Vroom

Burgemeester

Standaard

Column 232: Vroeg op

Bij Hollandia hebben ze een brug gebouwd. Voor dit bedrijf is dit niets bijzonders. Hollandia is namelijk een bedrijf dat bruggen en sluizen en nog zoveel meer bouwt. Voor de rest van de wereld is dit terecht heel erg bijzonder. Het is een ongelofelijk staaltje staalbouw.

De Suurhofbrug komt aan het eind van de A15 richting de Maasvlakte. De brug werd verplaatst van Krimpen helemaal naar de Maasvlakte. Een lange reis voor zo’n reus. Hij moest de Van Brienenoordbrug passeren, richting De Hef en daarna naar de Erasmusbrug. Vervolgens links de bocht om.

Ik was maandagochtend heel vroeg op. De wekker stond om half twee. Iets na twee uur was ik op het Noordereiland om ‘onze’ brug uit te zwaaien. Er was heel wat volk voor op de been! 

In Krimpen hebben we heel wat bedrijven die bijzondere dingen doen. In de beton, in de logistiek, in de scheepsbouw. Heel zichtbaar. Maar ook in de dienstverlening, in de catering, in de zorg. Daar ben ik als burgemeester heel trots op. Echt Krimpens ondernemerschap.

Corona is nog niet voorbij. Maar zodra het weer kan, kom ikgraag langs. Eigenlijk komen wíj graag langs. Want als gemeentebestuur is er maar weinig zo leuk én belangrijk om op werkbezoek langs te mogen komen. 

Martijn Vroom

Burgemeester

 

Standaard

Toespraak dodenherdenking 4 mei 2021

Vandaag is het 4 mei. Elk jaar is het vandaag “dodenherdenking”.

Net als vorig jaar komen we niet samen, hier op de begraafplaats.

Net als vorig jaar is alles anders, met corona.

De doden waar we op 4 mei aan denken zijn mensen die dood gingen aan oorlog en vervolging.

Maar bij dodenherdenking denk ik nu ook aan een heleboel mensen die zijn overleden aan corona.

Veel mensen hebben daar het afgelopen jaar iemand aan verloren. Dat is ongelofelijk verdrietig.

Maar vandaag, 4 mei, is dodenherdenking ergens anders voor bedoeld.

We denken aan alle mensen die zijn gestorven in de Tweede Wereld-oorlog.

En aan de mensen die zijn omgekomen omdat ze voor ons als soldaat naar verre landen moesten.

Bij oorlog zijn er altijd ook veel vragen.

Is het nodig om te vechten?

Hadden we kunnen voorkomen dat het gebeurde?

Maar áls het dan nodig is, dan sturen we soldaten.

En die gaan dan ook.

Of ze komen Nederland bevrijden, 76 jaar geleden.

Uit verre landen, helemaal hierheen.

Vaak was het hun eerste buitenlandse reis.

Vorig jaar was 4 mei bijzonder, omdat het 75 jaar na het einde van de Tweede Wereld-oorlog was.

Toen hebben we de schitterende vrijheids-tulpen zien bloeien.

Dit jaar is het weer bijzonder.

Het is 70 jaar geleden dat de Molukse soldaten en hun familie naar Nederland moesten komen. Eeuwen-lang hadden ze voor ons gevochten en gewerkt, maar 70 jaar geleden kwam daar opeens een eind aan.

Dat verdriet heeft dit jaar een speciale plek en aandacht gekregen.

Hopelijk kunnen we nog voor de zomer van de regering iets bijzonders over horen.

In de Tweede Wereld-oorlog zijn Krimpense soldaten om het leven gekomen.

Zij gingen vechten, op de fiets, lopend, tegen een groot en machtig Duits leger. Hun namen staan hier op het eregraf.

Straks horen we van een familielid van eentje van hen. Hij vertelt hoe het was dat zijn broer dood ging in de oorlog.

We horen wat een verdriet dat gaf aan het gezin.

Want oorlog is een groot begrip, maar oorlog bestaat uit een hele grote optelsom van kleine verhalen.

Vanochtend hebben we Levenslicht van Daan Roosegaarde een vaste plek bij het raadhuis gegeven.

En het afgelopen jaar hebben we de struikelstenen gelegd.

Daarop staan de namen van de joodse Krimpenaren die vermoord zijn door de Duitsers.

Soms met hulp van Krimpenaren, soms omdat mensen een ordinaire burenruzie op die manier wilden oplossen.

“Stuur maar naar de kampen”.

Want we wisten allemaal dat de treinen leeg terugkwamen uit Oost-Europa.

Met dat kunstwerk en met die struikelstenen zorgen we voor de levende herinnering.

In de oorlog gingen ook in Krimpen mensen dood van de honger. Of ze werden ziek, moesten ze zich dood werken voor de Duitse oorlogs-economie.

In Krimpen wonen ook vandaag de dag veel mensen die oorlog op andere plekken hebben meegemaakt. Mensen uit Nederlands-Indië, zoals dat toen nog heette.

Heel veel Molukse soldaten kwamen met hun gezin naar Nederland, en moesten blijven.

Maar ook kwamen er mensen uit Syrië, uit Afghanistan, uit Eritrea, Somalië, mensen uit heel veel landen waar je kon kiezen:

Vechten voor de dictator, of vluchten.

Je mond houden, of rennen.

Gedood worden, of wegwezen.

En tijdens die vlucht zijn zóveel vrienden, broers, ouders omgekomen op volle zee of in de vrieskou van de vluchtelingenkampen…

In Krimpen wonen ook veel mensen die als soldaat naar oorlogen zijn gestuurd.

Nederlandse soldaten hebben gewerkt aan vrede en veiligheid geleverd op ontelbaar plekken in de wereld. In Joegoslavië, in Afghanistan, in Nieuw-Guinea, in Mali, Somalië.

Op volle zee of in de jungle, in de woestijn of in de kou. Heel veel veteranen kwamen gewond terug. Meestal niet fysiek gewond, aan hun lichaam, maar heel vaak hebben ze wel mentaal een deuk opgelopen.

Vaak zijn ze sterk genoeg om gewoon door te kunnen.

Maar te vaak is onderschat hoe beschadigd ze zijn geraakt.

Onderschat door de hoge bazen van defensie, maar ook door ons, de samenleving.

Wat weten wij van de verhalen van mensen die moesten vluchten?

Die hun familie van het vlot zagen schuiven en verdrinken?

Wat weten wij van de ervaringen van een Dutchbat-III veteraan?

Wie durft door te vragen als een oude veteraan met tranen in z’n ogen terugdenkt aan de gedode kinderen die hij wilde helpen met een asperientje?

Wat is de motivatie van de jonge vrouwen en mannen, die er voor kiezen om bij de politie te gaan, bij de mariniers?

Medisch-specialist bij de landmacht? Hoe diep zitten de emoties als je iemand hebt moeten doodschieten omdat je je maten moest beveiligen?

Heel veel mensen dragen een verhaal met zich mee. Buren die niet meer terugkwamen. Schilderijen die ingepikt bleken, nadat ze terugkwamen uit een concentratiekamp.

Het verhaal van het verlies van een broer.

We kunnen veel leren van het stellen van vragen. Door niet eerst heel stellig en zeker iets te beweren. Vraag eerst eens iets.

En wat heb jij meegemaakt?

Wat heeft u als meest angstige herinnering?

Aan wie denk jij op 4 mei?

Het is goed om elkaar vragen te stellen.

Vragenstellen voorkomt zeker weten.

Vragen stellen maakt het gesprek mogelijk, en leidt tot het delen van de verhalen.

En met het vertellen van verhalen krijgt herdenken vorm.

Zodat wij niet vergeten wat er is gebeurd. En wat er nog steeds op teveel plaatsen van de wereld gebeurt.

Morgen is het 5 mei, dan denken we er aan dat wij – ondanks corona – bevrijd zijn.

Dat wij vrij zijn. Wij mogen geloven, denken, zeggen wat we willen.

Zélfs als we in die vrijheid domme dingen zeggen,

of domme dingen doen, dan nog mag dat.

Dat is niet te bevatten, zo waardevol.

Standaard

Column 231: Corona en vrijheid

Ondanks corona zijn we vrij.

Er zijn mensen die durven beweren dat de corona-maatregelen dictatuur zijn. Dat is een klap in het gezicht van mensen in de zorg. Dat is een klap in het gezicht van al die mensen die ziek zijn geworden. Dat is een klap in het gezicht van iedereen die voor dictatuur moest vluchten.

Dat is een klap in het gezicht voor de mensen die échte onvrijheid mee moesten maken.

 

Vrijheid

 

de oude man

verstopte joden op zijn zolder,

drukte illegale kranten

en hielp Engelse piloten.

hij loog voor het leven.

hij loog voor de vrijheid.

 

de vrouw

in de kelder

liet wanneer de vliegtuigen overvlogen

bange mannen, vrouwen en kinderen

schuilen voor de bommen.

 

zij stond voor het leven.

zij stond voor de vrijheid.

de jongen

net achttien

opgeroepen

 

om te vechten aan het front

nam afscheid van zijn moeder

en zou haar nooit meer zien.

hij vocht voor zijn leven.

hij vocht voor de vrijheid.

deze helden.

gewone mensen zoals jij en ik.

kozen ervoor te vechten

voor de vrijheid.

 

als een van deze helden

hier niet voor had gekozen.

was mijn opa dan geboren?

had ik dan geleefd?

 

Gedicht van Eva, 15 jaar

Martijn Vroom

Burgemeester 

 

Standaard