Column 290: Veteranendag

Dit weekend gaat de Nationale Veteranendag gelukkig eindelijk weer eens door. Een dag vol ontmoeting, ceremonies en een defilé. Gelukkig kan het weer. Het is van groot belang dat veteranen elkaar ontmoeten. Samen met elkaar herinneringen ophalen, verhalen delen. Zeker nu de regering eindelijk officieel heeft erkent dat de jongens en meisjes van Dutchbat-III onrecht is aan gedaan.

Natuurlijk, het is een ingewikkeld vraagstuk. Wat is daar precies misgegaan? Heeft iedereen wel echt alles gedaan wat kon en had gemoeten? Precies deze vragen teisteren de nachtrust van teveel veteranen.

Vragen zoals: had het nut, daar in Afghanistan? Deden we genoeg, daar in Mali? Maar ook: waarom hebben de terroristen in Nederlands-Indië al die kinderen vermoord, die door de Nederlandse hospik geholpen werden?

Moeilijke vragen. Ik vraag me af of het ooit lukt om een goed en geheel antwoord te vinden. Maar daarmee is het juist nog belangrijker dat er momenten zijn zoals Veteranendag.

Stil staan bij de dilemma’s, vieren wat er te vieren valt. Herdenken wie er te herdenken valt. En ook gewoon dankbaar zijn dat er altijd weer mannen en vrouwen opstaan en zeggen: stuur mij maar.

Want dat is het: wij, alle Nederlanders, wij vragen hen te gaan. Dan past het ons om Veteranendag heel serieus te nemen.

Martijn Vroom

Burgemeester

Standaard

Column 289: Een statuut voor de gemeenteraad


In de Gemeentewet is geregeld wat een gemeenteraad mag en kan.

Daarnaast staat erin wat je wel of niet als raadslid mag en moet doen. Een raadslid is op zichzelf geen functie, behalve als lid van een gemeenteraad. Daarmee bedoel ik dat alleen een gemeenteraad besluiten neemt. Een raadslid kan besluiten wat ze wil. Maar wettelijke kracht heeft het alleen als een meerderheid van de raad zo ook besluit.

Datzelfde geldt ook voor wethouders. Alleen als het hele college van burgemeester en wethouders wat ervan vindt of besloten heeft, heeft het wettelijke kracht. Bij de burgemeester is het net even anders. Zijn taken zijn wel in de wet vastgelegd waarbij ik in m’n eentje bevoegd ben, zoals over sommige zaken rondom evenementen en openbare orde. En nu ook in de vluchtelingencrisis.


De 3 bestuursorganen, zoals dat dan heet, zijn raad, college en burgemeester. Alle 3 geholpen en gesteund door de ambtenaren. Hoe doe je dat?

Samen, met 4 ‘groepen’ de gemeente en gemeenschap van Krimpen zo goed mogelijk (be)dienen?


Daarover gaan we speciale afspraken maken. Je zou denken, is de wet niet voldoende? Nee, die gaat over mogen en moeten.

Wij gaan een statuut maken over willen.

Dat doen we in een pilot van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Niet veel gemeenten mogen meedoen. Dus het wordt spannend, en bijzonder.


Terecht dat zoiets in Krimpen begint 🙂

Martijn Vroom
Burgemeester

Standaard

Column 288: Nieuwe spullen voor de brandweer

De brandweer.

Vroeger was de brandweer dat de kerkklokken luidden en mensen met emmertjes in een lange rij gingen staan. Water uit de sloot of de rivier en gooien maar. Door de tijd heen is er een professionele organisatie ontstaan, waarbij de meeste mensen vrijwilliger zijn. Een vreemde spagaat, waar we als gemeenschap erg blij mee mogen zijn. Mensen uit de eigen buurt die, als de pieper gaat, opspringen om naar de kazerne te vliegen.

Pak aan, deur open, brandweerauto op pad.

Als al die vrijwillige brandweermensen in voltijds dienst zouden zijn, was het onbetaalbaar.

Dus blij dat ze professioneel, maar ook deeltijders (of beter: vrijwilligers) zijn. De soorten ellende waar ze voor op komen draven zijn ook enorm veranderd. Kat in de boom, je mag er in bepaalde gevallen nog altijd voor bellen. Auto in de kreukels, zeker ook.

Maar de gebouwen zijn steeds veiliger. De afgelopen decennia zijn de regels steeds strenger geworden waar een huis of kantoor aan moet voldoen. Daardoor zijn er gelukkig veel minder ernstige branden dan vroeger.

Behalve soms. En dan is het maar goed dat de brandweer zo goed getraind is. En dat ze echt mooie, goede spullen hebben. Komende week nemen we officieel nieuwe wagens in gebruik.

En daar ben ik heel blij mee.

Martijn Vroom

Burgemeester

Standaard

Column 287: Nieuwe wethouders aanstaande?

Voor wethouders die niet door mogen gaan is dit een ingewikkelde periode. Ze hebben zich jaren lang met hart en ziel ingezet voor de gemeenschap.

Zoals al decennia lang een feit: hoe hard je als politiek professional werkt heeft niet zo veel effect op de verkiezingsuitslag. Daar komt meer bij kijken. Dat is eigenlijk over de hele wereld wel het geval. En al helemaal omdat we in Nederland niet direct onze bestuurders kiezen. Ministers, de premier, burgemeesters en ook de wethouders niet.

De gemeenteraad wordt door de inwoners gekozen. Vervolgens komt een paar politieke partijen er samen uit. Althans, sommige fracties besluiten samen een akkoord te willen sluiten. En aan het einde van dat proces dragen ze iemand bij de gemeenteraad voor om wethouder te worden. 

Die wethouders worden, nog voor ze formeel kandidaat zijn, gescreend. Daar ligt een taak voor de burgemeester. Ik doe dat niet zelf, maar daar huren we professionals voor in. De voorbereiding daartoe starten we deze week. De conclusies deel ik met de gemeenteraad. En de raadsleden bepalen dan of er juridische bezwaren zijn om de kandidaat te benoemen. Zo nee, dan worden dan en daar de wethouders gekozen.

Hopelijk nog voor de zomer.

Martijn Vroom

Burgemeester

 

Standaard

Column 286: Afscheidnemende burgemeesters

Deze maanden geven veel burgemeesters aan te stoppen. Het bericht vanuit de buurgemeente kwam natuurlijk als een schok. Maar ook in de Hoeksche Waard en Alblasserdam moeten ze – eerder dan verwacht – op zoek naar een nieuwe burgemeester.

Komende week neemt een burgemeester afscheid uit mijn klasje. Als burgemeester heb je zo’n beetje de enige baan – ambt – waarbij je naar school gaat nadat je het geworden bent.

Want geloof me, geen enkel beroep bereid je er echt goed op voor, ook wethouderschap of griffier of gemeentesecretaris niet. Daartoe moet je naar het klasje.

Breunis stopt.

Hij heeft zelf gekozen om niet herbenoemd te worden in Nunspeet, waar hij zes jaar burgemeester mocht zijn. Een gewaardeerde collega, met een grote liefde voor de gemeenschap, de Veluwse natuur en lokale ondernemers. Hij stopt, omdat hij een aantal zaken die in de coronacrisis speelden, niet kan verenigen met zijn geweten.

Dat is een hoogstpersoonlijke afweging, waarover anderen weinig te zeggen hebben. Maar het zet wel aan het denken. Waar ligt de grens van het ‘erboven staan’ of het ‘objectief zijn’ van de burgemeester?

Neutraal is een burgemeester natuurlijk nooit. Dat is zelfs een geprogrammeerde robot niet. Maar die grens, dat is wel iets om goed over na te denken.

Martijn Vroom

Burgemeester

Standaard

Column 285: Bereikbaarheid

In onze gemeente weten we er alles van. De fysieke bereikbaarheid is kwetsbaar. De brug gaat een stuk minder vaak open dan vroeger, maar zodra ze open gaat… dan komen alle trauma’s weer boven. De brug der zuchten. Natuurlijk hebben we haar ook nodig om ons zuchten en klagen op te focussen. Maar toch is het een fileveroorzaker. Het ritsen er net voor, en de rotondes aan de ene en andere kant. Na de corona-lockdowns zijn de files weer helemaal terug.

De komende paar jaar staat ons nog veel meer verkeersellende te wachten. De Haringvlietbrug ligt best een eind verderop. Maar voor de bereikbaarheid in onze regio is deze ook van belang. Deze weken zijn daar spoedwerkzaamheden als noodmaatregel nodig omdat het groot onderhoud (te) lang op zich heeft laten wachten. Met alle verkeersbeperkende maatregelen van dien.

Dichter bij huis komt groot onderhoud aan de Van Brienenoord-brug naderbij. Daar lopen we hetzelfde risico van noodmaatregelen. In de hele regio zijn er iets van 25 bruggen en tunnels en knooppunten die grondig onderhoud nodig hebben.

En daar tussendoor moeten brandweer en ambulance en politie en gevangenenvervoer allemaal hun weg vinden. Dus als u de sirenes hoort vraag ik om uw begrip.

Sterker nog, ik reken daar op, gezien de discussies over de aanrijtijden.

Martijn Vroom

Burgemeester

Standaard

Column 284: De ene na de andere

We zitten in crisis. Na de corona-crisis gingen we naadloos over in de Oekraïne-crisis. We vangen ons deel aan vluchtelingen netjes op. Sterker nog, meer dan netjes, want we zorgen goed voor ze. En met ‘we’ bedoel ik onze hele gemeenschap. Taalles, zwemles, fietsles, een gastvrije gemeenschap.  Omdat er mensen in nood voor onze neus staan. Daarnaast zijn vluchtelingen die zich vervelen en het moeilijk hebben niet altijd de meest prettige buren.

Ondertussen zitten we in nog een andere crisis. De meeste mensen weten wel dat we de afgelopen 20 jaar ongeveer 1 miljoen huizen te weinig hebben gebouwd. Dat is de groei van de woonbehoefte. Een miljoen huizen. De wachtlijst om in Krimpen te mogen huren bij QuaWonen is langer dan een studie duurt. Oftewel: als je je inschrijft als je 18 wordt, heb je nog geen flatje als je afstudeert.

En met een gewone, prima betaalde baan krijg je in Nederland niet voldoende hypotheek om een huisje te kopen. Zelfs niet met de bizar lage rente van de afgelopen jaren. En dan gaat die rente binnenkort ook nog eens omhoog, vanwege de grote inflatie.

De enige oplossing is veel bouwen.

Krimpen is volgebouwd.

Maar met voldoende huizen?

Martijn Vroom

Burgemeester

Standaard

Toespraak 4 mei 2022

Herdenken is terugkijken.

In Nederland hebben we sinds de Tweede Wereldoorlog in vrede geleefd.

Generaties lang kenden we vele crisissen, maar was er geen oorlog.

Het is lang geleden dat er oorlog was in Europa. Meer dan 25 jaar geleden op de Balkan.

Dit is in Europa, maar we hebben geen moment het gevoel gehad dat we toen in ons eigen land daardoor bedreigd werden.

Wel zijn daar zijn Nederlandse soldaten gesneuveld – voor de vrede. Deze oorlog zorgde voor hele stromen vluchtelingen, ook naar Krimpen aan den IJssel.

Sinds een aantal maanden is het gevoel van vrede anders. De oorlog in Oekraïne houdt ons dag in dag uit bezig. Het brengt allerlei herinneringen boven.

Bij mensen die de grote oorlog hebben meegemaakt, meer dan 75 jaar geleden.

Bij mensen die sindsdien vanuit Nederland, ja ook vanuit Krimpen, actief zijn geweest in oorlogsgebieden. Nederlands-Indië, Korea, Nieuw-Guinea, Libanon, voormalig-Joegoslavië, Cambodja, Irak, de kust voor Somalië, Liberia, Afghanistan, Mali, en ook aan de randen van de oorlog die Rusland begonnen is. Bij Nederlandse soldaten in Litouwen, Roemenië, Polen, vandaag de dag.

En dan komt de oorlog heel dichtbij.

Het is goed om juist ook weer in deze tijden stil te staan bij wat er in de Tweede Wereldoorlog gebeurde. De Duitsers vielen ons neutrale land binnen en voerden een dictatuur die enorm veel slachtoffers maakte.

In ons keurige Nederland werden bovengemiddeld veel mensen vermoord omdat wij heel netjes bijhielden wie waar woonde, wie joods was, of communist, of noem maar op. Veel Nederlanders werkten maar wat graag mee met de bezetter. Een beloning van 7 gulden 50 voor het aangeven van een Joodse buurman was aan aanlokkelijk bedrag.

Maar we kennen allemaal ook het verhaal van Selma, aan de Waalsingel. Een burenruzie werd opgelost, want de buurvrouw belde de Duitsers met de mededeling dat Selma een Jodin was. Afgevoerd en vermoord, is de uitkomst.

Zo zijn er – ook in Krimpen – meer verhalen te vertellen.

Dat geeft bij ons allemaal te denken. De vraag is: wat zou u doen, wat zou jij doen, als puntje bij paaltje komt? Als het er echt op aankomt?

Deze week werd bekend dat Nederland gedaald is op de ranglijst van vrije pers en media. Het is de laatste jaren in Nederland moeilijker geworden om als journalist goed je werk te doen. Geweld tegen journalisten, helaas gebeurde dit in Krimpen ook.

Hoewel diverse media slechts lijken te bestaan om gekleurd nieuws te brengen, blijft het een toetssteen van de democratie en van een vitale samenleving hoe je omgaat met het vrije woord. Waakzaam zijn en opletten of er fake-news wordt verspreid. Waakzaam zijn of de pers vrij is te vertellen wat er echt aan de hand is.

Zijn wij daar zelf scherp op?

Als we terugkijken naar de Tweede Wereldoorlog is het achteraf allemaal best helder: de kranten die het verzet uitbracht, die waren goed. De kranten die pro-Duits waren, niet. Maar wie lazen en lezen die kranten nu nog? Hoe kritisch zijn we echt? Of keuren we vooral af wat niet bij ons eigen plaatje past? Als we dat doen, zijn we dan echt vrij aan het denken?

Met de bril van nu terugkijken, dat zullen over 50, 75 jaar de mensen na ons ook doen. En laat dan vooral ook gezegd kunnen worden dat we recht hebben gedaan aan de vrijheid die voor ons bevochten is. Want onze vrijheid is door strijd teruggewonnen.

Bevochten door de mensen die hier op de steen vastgelegd zijn. Hun namen . Vandaag denken we aan die jonge jongens – toen nog allemaal jongens in het leger – die opgeroepen werden en gingen. Ze gingen met te weinig wapens, te weinig oefening, te weinig besef hoe de wereld veranderd was. Vrede is kostbaar, maar mag niet duur zijn.

De politiek had geen behoefte aan een geoefend en goed uitgerust leger. Immers, de wereld was halverwege de 20e eeuw modern geworden. Dus alle mogelijke tegenstanders zouden de regels wel volgen. Neutraliteit was goed genoeg.

Met als gevolg dat zowel in Europa als in Azië de vijand dankbaar was voor onze naïviteit. Overrompeld werden we, hier alsook daar. Mensonterende kampen vol slachtoffers waren het gevolg. Etnische zuiveringen, honger, dood, executies, het duurde jaren voordat uit verre landen mensen ons kwamen bevrijden.

En in die bezettingsjaren maakten de meeste mensen er maar het beste van. Puur overleven, met in de polder nog net wat minder hongersnood dan in de grote steden.

Zowel in Indië als in Nederland waren er heel wat mensen die doorhadden wat er plaatsvond. Ze hebben passief of actief verzet gepleegd tegen de vijand. Laat hun inzet niet vergeten worden. Laten we ook het lijden van miljoenen mensen niet vergeten.

Want het was niet voor het laatst dat dat gebeurde. Tot vandaag de dag aan toe.

Vrede is kostbaar én kwetsbaar.

Laten we waakzaam zijn en ons blijven afvragen:

Wat kunnen we zelf doen om recht te doen aan de strijd die voor ons gestreden is?

Wat kan ik zelf doen om vrede te brengen?

Standaard

Column 283: Herdenken

Afgelopen week waarschuwden de veiligheidsdiensten ons allemaal. De dreiging van extremistisch geweld is behoorlijk. Tijdens de coronapandemie was er veel kritiek op de overheid. Dat mag.

Maar protesten tegen de overheid worden vaak gebruikt door extremistische groeperingen. Ze gebruikten deze om hun eigen agenda er tussen te wurmen. Dat zagen we bij de demonstraties tegen de coronamaatregelen goed aan de vlaggen die meegedragen werden. Niet zelden zaten daar extreemrechtse vlaggen tussen.

Ook kun je op heel wat plekken in Krimpen stickers met extreemrechtse teksten te zien. En nee, dat zijn niet allemaal kwajongensstreken van pubers die willen shockeren. De waarschuwing van de AIVD komt niet voor niets. De oorlog vlakbij maakt dat we allemaal weer door hebben dat vrijheid kwetsbaar is.

De Tweede Wereldoorlog is inmiddels best een tijd geleden. Maar ook wij hebben te maken gehad met bezetting en onderdrukking. Ook de Duitsers hebben gewone burgers gebombardeerd, vermoord en geplunderd.

Dodenherdenking en Bevrijdingsdag zijn dit jaar anders dan anders. Na de corona mogen we weer ‘echt’ herdenken. We mogen samenkomen op de begraafplaats. En de bevrijdingsfeesten in het hele land gaan echt plaatsvinden. 

Herdenken en vieren. 

En waakzaam zijn. 

Niet iedereen heeft het beste voor met democratie en onze vrijheid.

Martijn Vroom

Burgemeester

Standaard

Column 282: Medailles van de koning

Deze week is het zo ver.

Oranje gebak, vlaggen aan de huizen. Sport en spel. Wat vroeger de rommelmarkt of vrijmarkt was, dat is nu natuurlijk de ‘duurzame vintage recycle uitwisseling’. Zoals altijd is er weer een heel mooi programma samengesteld. Daar zijn we als gemeenschap trots op. Dankbaar dat zoveel mensen – Trouw aan Oranje voorop – er zoveel tijd in stoppen.

Rondom de verjaardag van de koning is er nog een bijzondere viering. In het hele land worden mensen gehuldigd. U weet het, de ‘lintjesregen’. U weet ook dat ik elk jaar dan zeg: ‘lintjesregen’ is als woord te min. Het is een woord waarmee Hollanders verhullen dat we slecht zijn in het aannemen en geven van complimenten.

Want een medaille van de koning, dat is een mega-compliment. De koning zelf tekent ervoor dat meneer of mevrouw na jaren trouwe dienst een medaille opgespeld krijgt.

Dat is groot nieuws.

Dat is een prestatie van jarenlange inzet voor de gemeenschap. Nederland is Nederland niet, als er niet zoveel vrijwilligers dag en nacht klaar staan.

Handen uit de mouwen voor wat ze belangrijk vinden. Voor wat belangrijk is. En dan zegt de koning: dat is onderscheidend.

Daarvoor word je onderscheiden.

Van harte gefeliciteerd!

Martijn Vroom

Burgemeester

Standaard