Column: succes!

Deze week starten de eindexamens.

Een tijd vol stress en gedoe.

Iedereen veel sterkte en succes gewenst! Heel wat vervolgopleidingen kijken naar de cijfers die de komende weken behaald worden.

Gelukkig zijn er steeds meer MBO’s, HBO’s en universiteiten die snappen dat een leerling meer is dan haar of zijn eindexamen-cijfers.

Er zijn zelfs selectie-studies waarvan de toelating bepaald wordt voordat de eindexamens zelfs maar begonnen zijn.  

Wat opvalt is dat steeds minder kinderen kiezen voor techniek.

Steeds vaker denken ouders dat een kantoorbaan, bijvoorbeeld in de administratie of iets met rechten beter is voor hun kind.

Regelmatiger werktijden, minder vieze handen, enzovoorts.

Maar let wel: de toekomstige vacatures liggen niet zomaar op kantoor… als er érgens mensen nodig zijn is het wel in de techniek.

Zowel wat handen met een hamer betreft, als handen met leidinggevende kwaliteiten.

Of het nou een tafel is, of een schip, of het nou om elektrische draden gaat, of om buizen water, wie er een diploma in haalt krijgt een goede en goedbetaalde baan.

En al helemaal nu de verduurzaming van de woningen een grote vaart gaat krijgen.

Op 30 juni is een open dag bij veel Krimpense (maak)bedrijven. Komt u ook kijken?

 

Martijn Vroom

Burgemeester

 

 

 

Advertenties
Standaard

Column: Veteranen gezocht!

In de media heeft u al kunnen horen over de nieuwe veteranen-stichting. In Krimpen aan den IJssel hebben we een nieuwe stichting, die zich gaat bezighouden met de belangen van onze veteranen. Bijvoorbeeld door het organiseren van activiteiten waardoor veteranen elkaar kunnen ontmoeten. 

Ook gaan we aan de slag met ‘veteraan voor de klas’. Op die manier kunnen de kinderen op de basisscholen in Krimpen meer leren over en van de ervaringen van een veteraan. 

Zelf ga ik ‘gewoon’ door met m’n huisbezoeken: ik probeer elke week bij een veteraan langs te gaan voor een gesprek. Horen wat de ervaringen zijn. Elk kwartaal plaatsen we twee korte interviews in De Klinker, het magazine van de gemeente. 

Op 27 juni komt de Commissaris van de koning naar Krimpen om de website van de stichting te lanceren. Op die site komen de verhalen, uitleg over de missies waar ze heen zijn gezonden, enzovoorts. Die 27e juni is er een heel symposium met sprekers die zullen spreken over een aantal zaken die van belang zijn voor veteranen. Alle Krimpense veteranen zijn dus uitgenodigd en welkom! 

Er is alleen één probleem. We krijgen van het Veteranen Instituut alleen de adressen van de veteranen die zich daar zélf gemeld hebben. En dat is maar 1 op de 4. Dat zijn er 133 in Krimpen. Dus wellicht mis ik contactgegevens van 300 veteranen. Kent u een veteraan? Vraag hem of haar er alstublieft even naar. Bent u er zelf eentje? Als de uitnodigingsbrief voor 27 juni onbekend is, bent u toch welkom. Neem dan even contact op met de gemeente. 

Martijn Vroom

Burgemeester 

 

Standaard

4 mei: leer ze om soms even stil te zijn

Zonet waren we allemaal heel even heel stil.

Met alle mensen hier en op honderden andere plekken in het hele land. En op alle plekken waar Nederland vertegenwoordigd is, zoals op ambassades, leger-bases en marine-schepen over de hele wereld, overal waren Nederlanders even twee minuten stil.

Vandaag denken we aan allen die omkwamen sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In de mei-dagen van 1940, toen het net zulk prachtig weer was als vandaag. Soldaten die op de fiets sprongen, omdat de Duitsers Nederland wilden inlijven in hun kwaadaardige rijk.

Maar terwijl ze op hun fietsje, met hun 19e eeuws geweer, langs de pinksterbloemen fietsten, vlogen de vliegtuigen met parachutisten over hen heen en vielen de Duitse soldaten uit de lucht. En niet veel later vlogen de vliegtuigen met hun bommen naar Rotterdam om daar dood en verderf te zaaien.

De Duitsers regeerden Nederland en jazz werd verboden.

Abstracte kunst werd verboden.

Joden werden de zondebok.

Ze moesten dood.

Homo’s moesten ook dood.

Jehova’s ook.

Communisten ook.

Tijdens de bezetting kwamen heel wat Nederlanders in verzet. Soldaten vochten door vanuit Engeland, mensen gingen bij de ondergrondse om Joodse kinderen te helpen onderduiken, of jonge mannen die anders als slaven in Duitsland hadden moeten werken. Mensen bij het verzet brachten de Duitse forten in kaart en smokkelden die tekeningen het land uit.

En tegenover de pro-Duitse kranten zoals de Telegraaf werden kranten zoals Het Parool en Trouw opgericht. Allemaal illegale activiteiten, waar telkenmale de doodstraf op stond.

Een straf die vaak tot uitvoer is gebracht. Vele dappere mensen, jong en oud, man en vrouw, communist en koningsgezind, zijn afgevoerd met veewagons en dood gemaakt op uitermate efficiënte, grondige wijze in industriële doodskampen.

In Nederlands Indië was de Japanse bezetter zo mogelijk nog bruter, gruwelijker. In de strafkampen werden allerlei martelpraktijken uitgevoerd op Nederlanders van alle leeftijden. Maar nog het meest afschuwelijk werden de Molukkers behandeld door de Japanse bezetter. Tot aan de laatste snik trouw aan koningin Wilhelmina ondergingen ze gruwelijkheden waarover we tot op vandaag in Nederland te weinig hebben geleerd.

En ook na de Tweede Wereld oorlog zijn velen namens ons land uitgezonden op oorlogsmissie en daarbij gewond geraakt, of om het leven gekomen. Onlangs sprak ik een Krimpense veteraan die uit Nederlands-Indië terugkeerde, maar daar wel 1-derde van zijn hele groep heeft moeten begraven.

En een andere veteraan vertelde me dat hij de Indonesische kinderen van een heel dorp had ingeënt met medicijnen die eigenlijk voor het Nederlandse leger bestemd waren. De volgende dag waren al die kinderen onthoofd, omdat de Indonesische opstandelingen niet wilden dat de bevolking hulp aannam van Nederlanders.

Dan kom je als veteraan wel levend terug, maar ook beschadigd – voor het leven. Niet alle verwondingen zitten aan de buitenkant.

Zometeen gaan we langs de graven van Krimpense jongeren. Zelf zullen ze gedacht hebben dat ze al groot waren. Mannen, zelfs. Ze hadden nog niet bedacht dat ze grootvaders zouden worden, want ze gingen natuurlijk eerst de wereld veroveren. Eerst een mooie baan, dan dat leuke meisje trouwen..! Wie weet, een huis. Allemaal normale dromen.

Normale dromen die wij allemaal kunnen en mogen dromen, omdat we vrij zijn.

Jazz mag je luisteren.

Abstracte kunst mag je tentoonstellen, al zit er in de Tweede Kamer een partij die het alsnog wil verbieden.

Joden mogen er zijn, al is Nederland nog altijd geen veilig land voor ze.

Homo’s worden niet vervolgd, al neemt de acceptatie niet toe.

Dat zijn kwalijke zaken. Maar vrij zijn we wel om daar iets aan te doen.

We zijn zelfs zó vrij dat we kritiek mogen hebben op de mensen die de soldaten naar het front, of naar Nieuw-Guinea, Irak, of naar Bosnie hebben gestuurd. Die kritiek komt je in Nederland nu niet meer op een enkeltje strafkamp te staan.

Je blijft leven, zelfs als je oproept om de herdenking op de Dam te verstoren. In heel veel landen van de wereld is dat tot op de dag van vandaag een droom, zulke vrijheid.

Wie die vrijheid koestert, staat op de gepaste momenten stil.

En dan ben je ook stil.

Dus als we zometeen langs die graven lopen: vertel de kinderen van de mensen die daar liggen en vertel ze van de vrijheid. En leer ze om daar soms, heel even, heel stil van te zijn.

Standaard

Column: stil staan

Het is deze week tijd om stil te staan.

Eens in het jaar staan we kort, echt kort, met z’n allen stil bij de Tweede Wereldoorlog. Bij de verschrikkingen die in ons land plaatsvonden. Moord, doodslag, discriminatie, anti-semitisme, homovervolging, honger, ellende.

Als je het niet in je hart hebt om daar 2 minuten voor stil te staan, wat voor mens ben je dan? Ik erger me dood aan bussen die doorrijden, auto’s die niet stoppen, mensen die langsfietsen terwijl we met een grote groep onderaan de IJsseldijk aan het herdenken zijn.

Hoe durf je? Wie ben jij nou helemaal, dat je denkt dat al die offers niet voor jou gebracht zijn? Het liefst zou ik in alle aanbestedingseisen opnemen dat op 4 mei het hele land stilvalt. Doodse stilte. Alleen de merel hoor je zingen, als daad van onverzettelijke vrijheid.

Na 1945 zijn er nog heel veel Nederlandse soldaten omgekomen. In hun slaap vermoord terwijl ze uitgezonden waren op missie, of op een bermbom gereden, terwijl ze een volk probeerden te helpen hun land weer op orde te krijgen. Noem maar op.

Daar staan we bij stil. En wie dat respect niet kan opbrengen, daar vind ik wat van.

Martijn Vroom

Burgemeester

 

Standaard

Column: digitaal gevaar!

Zelfs de minister van Justitie zegt het inmiddels. U bent in groot gevaar.

Elk uur een aanval. De meeste pogingen om uw en mijn wachtwoorden te kraken, of ons te verleiden om te klikken op dat ene linkje, die zijn crimineel.

Door in te breken op uw computer kunnen criminelen uw spullen (mail, computer) op afstand gebruiken om in te breken bij weer andere mensen. Als uw computer wordt ‘gegijzeld’ doordat ze inbreken en uw wachtwoord veranderen kunt u maar weinig meer. Internet-bankieren, mailen, facebooken, allerlei dingen die onmogelijk zijn.

En u kunt voor een x-bedrag het gebruik van uw computer ‘terugkopen’.

Of wat dacht u van de financiële administratie van een bedrijf? Als die zo gegijzeld wordt? Gebeurt elke dag. Tips genoeg, die u her en der kunt vinden.

Klik niet op het linkje. Maak geen wachtwoord van moeilijke tekens, maar van minstens 13 tekens lang. Maak back-ups. Als u een virus heeft, kan die ook in de back-up zitten. Dus: update uw virus-scanner.

Pas op met open wifi.

En verrassend, wellicht: ook in apps in de app- of play-store zitten soms virussen.

Kortom, google even op de “checklist digitaal veilig” en u weet alles wat u zelf kunt doen.

Martijn Vroom

Burgemeester

Standaard

Hoorzitting Tweede Kamer over asiel & inburgering

De Commissie Sociale Zaken en Werkgelegenheid belegde onlangs een hoorzitting over de vraag hoe het rendement van de inburgering omhoog kan. Hoe krijgen we meer statushouders aan het werk, beter ingeburgerd? Hieronder de inbreng die ik als 1 van de 10 sprekers mocht inleveren.

 

Geslaagde inburgering vereist maatwerk van nabij

Vooraf

Dat er mensen van ver naar Nederland komen is een gegeven. En als we naar ons land kijken snappen we dat allemaal heel goed. Dus: ze komen. Hoe kunnen ‘we’ aan ‘hen’ een zo goed mogelijke start geven, om optimaal mee te kunnen doen? Zoals het nu gaat, gaat het niet goed. Vanuit economisch, sociaal en menselijk oogpunt is het noodzakelijk om een andere aanpak te realiseren.

De voorzitter van de Stichting Wij Afghanen in Krimpen kwam 25 jaar geleden naar Nederland. Hij is een van de gastsprekers van onze uitgebreide participatieverklaringscursus.

Hij zegt tegen iedere immigrant:

Je bent nu hier.

Je gaat, voorlopig of voor altijd, hier blijven.

Dus is het eenvoudig:

leer Nederlands,

werk hard,

praat niet over religie of politiek en

zorg dat je kinderen het beter krijgen dan jij.

Er zijn heel veel mensen in Krimpen bereid je daarbij te helpen,

maar je moet het uiteindelijk zelf doen.

Kort en goed

Noodzakelijke maatregelen om de inburgering weer op de rit te krijgen zijn:

  • Verplichte taalles en voorlichting vanaf week 2 in het AZC
  • Een volledig en gevuld overdrachtsdossier van het COA aan de gemeenten
  • Inburgering als taak en verantwoordelijkheid overdoen naar de gemeente
  • Kwaliteitscontrole op cursus-aanbieders door gemeenten
  • Voldoende budget bij de gemeente voor de uitvoering
  • Geen beperkingen meer in doelgroep inburgering en taaleis
  • Naturalisatietoets bij en door de gemeente

 

Falende inburgering

De inburgering faalt sinds dit als taak is weggehaald bij de gemeenten. Dat concludeert ook de Algemene Rekenkamer (januari 2017). Het aantal inburgeraars dat het vereiste niveau behaalt binnen de termijn van 3 jaar is gedaald van 78% naar 33%.

Het resultaat van de inburgering is achteruit gegaan

De inburgeraar is sinds 2013 zelf verantwoordelijk om zijn inburgering te organiseren, al dan niet met een lening. Er is sprake van doorgeschoten zelfregie: mensen die de taal niet spreken en de samenleving nog niet snappen zijn verantwoordelijk gemaakt voor de selectie van een aanbieder van de cursus. En de inburgeraar moet deze aanbieder dus zelf beoordelen op kwaliteit. De ondersteunende vrijwilliger of de betrokken Nederlandse partner is niet op de hoogte van alle details. Het blik op werk keurmerk biedt slechts beperkt houvast en controle op de kwaliteit van de aanbieders. Regelmatig bereiken ons klachten over de kwaliteit van de aanbieders: grote niveauverschillen binnen een lesgroep en een zeer beperkt aantal lesuren. De ‘goeden’ haken hierdoor te vroeg af, de ‘slechten’ haken hierdoor ook te vroeg af. Niet behalen van de einddoelen betekent een financiële schuld.

Angst om de doelen binnen de termijn niet te behalen zorgt er voor dat inburgeraars er voor kiezen om het minimaal verplichte niveau te behalen. Dit, in plaats van een hoger niveau (bijvoorbeeld hun eigen niveau) na te streven. Verloren talenten!

Taalles binnen het AZC is nu optioneel voor statushouders, tot voor kort was het zelfs niet toegestaan voor asielzoekers. Het zelfde geldt voor de certificering van opleidingsniveau en diploma’s. Het verblijf in het AZC wordt daardoor niet benut. Het overdrachtsdossier wordt dan niet gevuld. Deze regels stammen uit de tijd dat het verblijf in een AZC kortstondig was, terwijl het nu soms maanden (of langer) duurt. Verloren tijd!

Gemeenten hebben geen zicht op voortgang en resultaten

Naast de achterblijvende resultaten is er voor gemeenten door de huidige regels geen zicht op inspanningen, voortgang en behaalde examens. De gemeenten ondervinden hiervan grote last bij hun inspanningen om statushouders te helpen om economische zelfstandigheid te bereiken. Werkervaringsplaatsen tijdens de inburgering zijn nauwelijks haalbaar als de gemeente geen zicht heeft op de voortgang. Het is vrijwel onmogelijk om aansluitend of gedurende de inburgering voor de statushouder een cursus, opleiding of werkervaringsplaats te organiseren als de gemeente niet weet wanneer het inburgerings-examen is behaald. Op papier zijn hiervoor wel mogelijkheden, in de praktijk is dat niet uitvoerbaar.

Het gevolg: een toenemend beroep op de participatiewet

Als gevolg hiervan neemt het beroep op de Participatiewet en de uitkeringsduur van deze statushouders en inburgeraars toe. Het duurt langer voordat de inburgeraars in hun eigen onderhoud kunnen voorzien en daarmee zelf de verantwoordelijkheid voor hun eigen gezin en hun kinderen kunnen nemen. Met name in kleinere gemeenten heeft de instroom van statushouders grote invloed op de bijstandsdichtheid. In Krimpen aan den IJssel is inmiddels 1 op de 7 van de uitkeringsgerechtigden statushouder.

Doordat de gemeenten uiteindelijke een groot deel van de kosten (risico’s) moeten dragen nemen steeds meer gemeenten initiatieven om de omissies in de inburgering en de gevolgen van het falende beleid en de uitvoering daarvan te compenseren. Dit gaat ten koste van de inzet voor andere hulpbehoevende groepen in de samenleving en leidt in de praktijk tot polarisatie. Bovendien zit hiertoe dus geen budget in de Participatiewet opgenomen.

Wat doet de gemeente Krimpen aan den IJssel:

taalcoaching en groepslessen vóór, tijdens en ná het inburgeringstraject én aan oudkomers:

– dubbele trajecten van de VoorleesExpress voor statushouders met kinderen

– maatschappelijke begeleiding waarbij vrijwilligers, naast de gebruikelijke begeleiding, actief zoeken naar vrijwilligerswerk of werkervaringsplaatsen.

uitgebreide participatietrajecten voor statushouders (ingekomen vanaf 2014):

Deze bestaan uit 8 dagdelen. Combinatie van voorlichting en discussie over de landelijk vastgestelde waarden en normen, de Krimpense samenleving en voorzieningen en voorlichting over verschillende onderwerpen.

Bijeenkomsten vinden plaats in de raadszaal, het gezondheidscentrum, cultureel centrum en streekmuseum. Met diverse gastsprekers, zoals de burgemeester, wethouders, gemeentesecretaris en ‘geslaagde’ immigranten.

Zorg voor een inclusieve samenleving en investeer in inburgering!

Het is noodzakelijk dat de uitvoering én het budget belegd worden bij de gemeenten, dichtbij de inburgeraar. Alleen zo kunnen de inburgeraars snel deelnemen aan onze samenleving. Inburgering moet aanhaken bij de participatiewet.

Taalplicht als een vorm van leerplicht, ook binnen het AZC.

Maak inburgering voor asielmigranten verplicht vanaf 2 weken na aankomst. Neem daarin ook de voorlichting over gezondheidszorg, onderwijs en opleidingen en de arbeidsmarkt in mee. Laat hen al vanuit het AZC bedrijven bezoeken en vrijwilligerswerk doen. Zo zullen zij geholpen worden om zich te richten op hun toekomst. Dat leidt tot meer rust in hun hoofd, een zachtere landing in de maatschappij, minder zorgkosten en te zijner tijd een aantoonbaar snellere uitstroom uit de bijstand. Een gedeelte van hen krijgt geen verblijfsvergunning. Zij kunnen hun kennis en ervaring meenemen. De winst van de groep die wél een verblijfsvergunning toegekend krijgt is te groot om dit als een bezwaar te blijven zien. De winst is namelijk groot, voor de samenleving als geheel.

Snelheid, maatwerk en kwaliteit én budget bij de gemeenten

Laat alle inburgeraars direct na vestiging in de gemeente starten met een maatwerktraject. Maak het ook voor niet inburgeringsplichtigen mogelijk om een traject te volgen.

Zorg voor budget bij de gemeente om van de inburgering een succes te maken. De gemeente heeft via de taakstelling huisvesting vergunninghouders en de personenregistratie de nieuwe inburgeraars snel in beeld. De gemeente moet de informatie van het COA kunnen gebruiken. Dit dossier moet dan wel volledig gevuld zijn om aan de hand daarvan inburgering, werkervaring, taalcoaching, maatschappelijke begeleiding en participatieverklaringstrajecten te realiseren.

Er moet voldoende budget zijn om de gemeente in staat te stellen kwalitatief goede trajecten in te kopen en de inburgeraars tijdens hun traject professioneel te begeleiden, ondersteunen en monitoren.

Vrijstellingen, ontheffingen en sancties zijn óók maatwerk

Maak de gemeente zo spoedig mogelijk eindverantwoordelijk voor de vrijstellingen, ontheffingen en sancties. Te vaak worden nu generieke ontheffingen verleend, waardoor de noodzaak tot inburgeren vervalt. Maak ontheffingen in beginsel tijdelijk, met een nieuwe beoordeling na bijvoorbeeld een jaar. Differentieer in de ontheffingen: soms is niveau A1 wél haalbaar of kan een inburgeraar wél niveau A2 halen op spreken en luisteren maar niet op schrijven.

Gemeenten moeten niveau beoordelen bij naturalisatie

Nederland hoeft niet toe te staan dat iemand naturaliseert. Indien men Nederlander wenst te worden moet men, bepleiten wij, op zijn minst Nederlands spréken, anders is een verblijfsvergunning een mooi alternatief.

Het komt te vaak voor dat de kandidaten geen of slecht Nederlands spreken zélfs als zij het inburgeringsexamen hebben afgelegd. In de praktijk blijkt regelmatig dat de taalbeheersing een niveau achteruit is gegaan omdat de betrokkene de taal niet voldoende blijft gebruiken.

De aanvragers van naturalisatie worden gezien door de gemeenten, laat hen beoordelen of zij nog steeds Nederlands spreken op een behoorlijk niveau of dat zij een andere bijdrage leveren waardoor zij volwaardig meedoen. In Krimpen aan den IJssel komen bijvoorbeeld alle naturalisanten eerst op gesprek bij de burgemeester. Tijdens dat gesprek wordt gekeken of de inwoner al klaar is voor het opsturen van de bescheiden naar de IND, of dat er eerst een taalcoach gezocht wordt.

Tot slot,

Betrek de komende maanden gemeenten en sociale diensten van diverse omvang bij de nadere uitwerking van bovenstaande. De impact van de regelgeving is op kleinere gemeenschappen anders dan in de grote steden. De mogelijkheden en vrijwilligersaantallen zijn in de diverse regio’s en gemeenten veelkleurig. Komt u vooral her en der eens uw licht opsteken.

Martijn Vroom

Burgemeester Krimpen aan den IJssel

E: burgemeester@krimpenaandenijssel.nl

M: 06 105 135 82

Standaard

Eindrapportage informateur te Woerden

Gepresenteerd op 18 april 2018

Geachte onderhandelaars,

Dinsdag 27 maart heeft u besloten mij aan te stellen tot informateur, met als opdracht:

Verken de mogelijkheden die partijen geschikt achten voor het vormen van een solide meerderheidscoalitie:

a. die recht doet aan de uitslag van de verkiezingen;

b. die met een heldere, gezamenlijke visie, daadkrachtig kan werken aan de opgaven voor de gemeente Woerden in de komende jaren;

c. die een stabiel en herkenbaar College kan vormen voor de komende vier jaren.

 

Twee gesprekken in eerste ronde

Vervolgens ben ik donderdag 29 maart begonnen met het voeren van gesprekken met alle onderhandelende partijen. Iedere partij sprak ik twee keer. Uit deze gesprekken kwam mijn tussenadvies naar voren, zoals u vorige week dinsdag 10 april van mij hebt ontvangen. Dat advies luidde dat ik voldoende signalen had ontvangen om te denken dat een tussenstap noodzakelijk zou zijn. Mijn advies op dat moment was onder meer om te bezien of het CDA, de VVD en de CU-SGP nader tot elkaar konden komen.

De gesprekken

Voor het vervolg van het proces wil ik graag hier nogmaals opmerken dat ik in alle gesprekken, tot en met gisteravond, bij alle gesprekspartners een zeer consistente lijn heb ervaren. Dat biedt vertrouwen, want dat geeft mij aan dat alle partijen echt zichzelf hebben willen laten zien. In alle gesprekken heb ik van alle partijen mooie dingen, plannen, ideeën gehoord waar de gehele gemeenteraad (en daarmee de gemeenschap van Woerden) iets mee zou kunnen en/of moeten. Het zou de nieuwe coalitie dan ook sieren als ze voor de inbreng van die ideeën, ondanks de politieke verschillen, ruimte laat in het komende proces en de komende jaren.

Breuk met de VVD

Dit gesprek heeft geleid tot nog twee gesprekken, waarna afgelopen zaterdag de gezamenlijke conclusie getrokken is dat deze drie partijen niet de basis van de nieuwe coalitie zouden gaan vormen. Iedereen die suggereert of schrijft dat deze breuk te wijten is aan inhoudelijke zaken, of de financiële plannen van bijvoorbeeld de VVD, spreekt onwaarheid. Zoals te lezen valt en te vernemen viel bij mijn toelichting is dat niet de reden. Het is dan ook zeer spijtig dat in de media de indruk gewekt is dat de inhoudelijke visie van de VVD op financiën een rol heeft gespeeld in mijn nadere advies. Het citaat in het dagblad, waarin zulks mij in de mond wordt gelegd, is misplaatst. Het betreft een antwoord op een andere vraag, die niet over de VVD ging. Voor het overige verwijs ik naar de tekst van eerdere verklaringen.

Verdere gesprekken

Reeds gepland waren de gesprekken om een vierde partij te zoeken. Nadat de VVD afviel en er dus een derde en vierde partij gezocht moesten worden zijn de onderhandelaars van CDA en CU-SGP in gesprek gegaan met de onderhandelaars van de partijen LijstvanderDoes, D66, Progressief Woerden en STERK Woerden. Op alfabetische volgorde ingedeeld.

In elk van deze gesprekken hebben steeds drie partijen (CDA, CU-SGP en een derde partij) met elkaar van gedachten gewisseld op thema’s die een belangrijke rol spelen bij de totstandkoming van een nieuwe coalitie. Ik benadruk daarbij dat er sprake was van een gesprek tussen drie partijen waarbij alle onderhandelaars, niet alleen die van het CDA en de CU-SGP, gespreksonderwerpen aandroegen. Het waren gesprekken, geen overhoringen.

Besproken zaken

Daarbij ging het om bespreking van elkaars visie op belangrijke onderwerpen als de financiële taakstelling in relatie tot lastig te nemen maatregelen, de gewenste bestuurscultuur en een aantal inhoudelijke thema’s. Verder is gesproken over eventuele onderlinge pijnpunten. Ten slotte hebben CDA en CU-SGP aan de onderhandelaars van LijstvanderDoes, D66, Progressief Woerden en STERK Woerden gevraagd met welke vierde partij zij op basis van deze thema’s verwachten om samen met CDA en CU-SGP een stabiele coalitie en een robuust college te kunnen vormen.

Constatering

Op basis van deze gesprekken, alsmede een nader gesprek met CU-SGP en CDA, heb ik geconstateerd dat een coalitie van CDA, CU-SGP, D66 en LijstvanderDoes het meest voor de hand ligt. Niet alleen lijken inhoudelijke verschillen tussen de vier partijen overbrugbaar, ook hebben deze vier partijen aangegeven er vol vertrouwen in te hebben met elkaar een stabiele coalitie te kunnen vormen. Tot slot bieden de gedeelde ideeën over het waarborgen van herkenbaarheid goede bodem voor samenwerking.

Advies van de informateur

Uitgaande van de opdracht die u mij heeft gegeven is dat dan ook mijn advies.

Afgaande op de gevoerde gesprekken en bovenstaande conclusie, adviseer ik de onderhandelaars van CDA, LijstvanderDoes, CU-SGP en D66 met elkaar het formatieproces te starten en toe te werken naar een formatieakkoord.

Martijn Vroom

Informateur te Woerden

 

Standaard